Samenwonen

Als een huwelijk of een geregistreerd partnerschap niets voor jou is, kun je toch heel goed samenwonen. Het is dan wel verstandig om je zaken goed te regelen. Bijvoorbeeld door een samenlevingsovereenkomst te sluiten: wat is van jou en van wat is van mij? Als je uit elkaar gaat, krijg je daar dan in ieder geval geen ruzie over.
 

Gezamenlijk aangeschaft
Voor de dingen die je samen hebt aangeschaft, bijvoorbeeld de inboedel of de woning die op naam van allebei staat, kan je vastleggen dat als een van beiden overlijdt, de gezamenlijke bezittingen zonder vergoeding aan de langstlevende partner toekomen. Dit heet ‘verblijvingsbeding’. Als je nog niet in aanmerking komt voor partnervrijstelling voor het successierecht (zie onder ‘erven’) kan zo’n afspraak fiscaal voordeel bieden omdat je dan geen successierecht hoeft te betalen.
Het verblijvingsbeding geldt alleen voor gezamenlijke eigendommen en niet voor dingen die van één van beide partners zijn. Daarvoor blijft een regeling in het testament nodig.
Als de partners uit elkaar gaan, moeten zij het gemeenschappelijk bezit verdelen.
 

Samen een kind
Als je niet getrouwd bent, maar wel samenwoont, ben je niet verplicht om elkaar te onderhouden. Als je uit elkaar gaat, is er dan ook geen alimentatieplicht.
Als er een kind wordt geboren, is er alleen een familierechtelijke betrekking tussen moeder en kind. Pas als de vader het kind erkent, heeft ook hij een familierechtelijke betrekking. Vaak vindt zo’n erkenning al tijdens de zwangerschap plaats: dat gebeurt bij de burgerlijke stand en bij de notaris.
Als ongehuwd samenwonenden samen een kind krijgen, krijgen zij pas het gezamenlijk gezag nadat zij hiervoor een aantekening hebben gevraagd bij het gezagsregister van de rechtbank.
 

 

Share: